Woordenlijst Engels/Amerikaans Engels - Nederlands

Wilco Flier

Post veel
28 apr 2008
1.403
85
Omgeving Kampen
www.wilcoflier.com
Een: resaw is de Engelse/Amerikaanse naam van een grote lintzaag waarmee men hout zaagt, het werkwoord daarvan is: resawing.
Als ik me goed herinner was het Rick die voor het eerst in maart van dit jaar met dit woord op de proppen kwam.
Resawing is simpelweg: schulpen.
Schulpen kan in de dikte en in de breedte, in de dikte schulpen, in de breedte schulpen, en daar is dan ook het verschil aan te herkennen.

Ik moest opeens weer aan deze discussie denken toen ik 'het houtboek' las uit 1980 waarin over een herzaag gesproken wordt om "grote stukken hout te verwerken tot kleinere latten". Dus Rick is er zeker niet mee als eerste op de proppen gekomen, en het woord is dus al langer in gebruik :) Het is trouwens wel uit het Engels vertaald.

Dit even ter info :)
 

MichelvdD

Actieve deelnemer
17 dec 2012
119
0
Wellicht deze toevoegen?

french cleat - haaklat
threaded insert - rampamoer
t-nut - inslagmoer
pocket hole - ??
 
Laatst bewerkt:

klaas0639

Post veel
4 okt 2012
1.863
42
Gem. Winsum (Groningen)
He, ik had dit leuk draadje niet eerder opgemerkt.
Ik steun de eerdere (oude) suggestie van Jaap er een sticky voor te maken. Of een draadjesgroep met de werktitel "alles over ...." Of zo.



mvg
klaas
 

Elio

Actieve deelnemer
21 feb 2013
164
8
Laat het me maar even weten, voor diegene die er een sticky van gaat maken.

Ik heb namelijk een hele lijst van NL-ENG-DE.

Gr.

Elio
 

Zweihaak

Post veel
29 jul 2010
1.381
1
Groningen
a
adjusting screw = stelschroef
advance angle = voorloophoek
angle iron = hoekijzer, hoekstaal
angle joint = hoekverbinding
angle ridge = hoekkeper
angular = hoekvormig
anvil cutter = schrootbeitel

b
back bend = aftimmerlat
back saw = kapzaag
band saw = bandzaag, lintzaag
base = voetstuk, basis
batten = tengel, panlat
batten = klampen
bay window = erkerraambeam
beech = beukenhout
bell chuck = schroefklauwplaat, van draaibank
belt grinding = bandslijpen
bench clamp = bankklem
bench-dog = bankhaak
bench drill = tafelboormachine
bench grinder = tafelslijpmachine
bench stop = bankhaak
bench tote = Bankklem
bevel = vouw, snijhoek, afschuining
bevel square = zweihaak, zwaaihaak
binder = onderslagbalk, moerbalk
birch = berken

c
camber = welving, rondte
cambered = met ronde welving, tonrond
camfer = lichte afschuining
caning = stoelmat gemaakt van biezen, de bies word nat, draaiend en trekkend gevlochten
cape chisel = kantbeitel
cap nut = wartelmoer, dopmoer
card scraper = schraapstaal
chip-carving = houtsnijwerk, in vlakhout
chisel = beitel
chuck = boorkop
clearance = speling
clinchen = omkrammen
combination plane = combinatieschaaf
compression saw = europeesche zaag, duwend gebruikt
coping saw = decopeerzaagbeugel, soort figuurzaagachtige zaag
crosscut = afkorten
crosscut saw = afkortzaag

d
dado = USA and Canadees Engels woord gebruik,
- volgens Kluwer word dit vertaald al bouwkundig woord: plint, sokkel, zuilvoet.
dado = groef
dado plane = groefschaaf
double cutting drill = boor met dubble snede
dove tail = zwaluwstaart
dovetail saw = fijne kapzaag met 15tpi of meer
draw bore pins = toognagel in combinatie met een toogpen
drawknife = haalmes, trekmes
drill brace = booromslag

e
edge = afkanten, afschuinen
end limit stop = eindaanslag
end mill cutter = kopfrees
epoxy resin = epoxyhars, synthetische hars, twee-componentenhars
eye bolt = oogbout, ringbout

f
fence = aanslag
flush-cutting Backsaw = toffelzaag
fore plane = voorloper
former chisel = vermoorbeitel, zelfde model als steekbeitel, maar dan dikker en groter.
french cleat = haaklat of haaklatten
fretsaw = figuurzaag

g
gent's saw = toffelzaag
gimlet = fretboortje
grind = slijpen
grindstone = slijpsteen
guide bushing = kopieerring

h
hardwood = loofhout (is niet per definitie ook allemaal hardhout)
honing stone = wetsteen

i

j
jack plane = No.5 schaaf, ?sponningneusschaaf?
joiner = schreinwerker (meubelmaker), timmerman
joiner bench - schaafbank
joinery = fijn timmerwerk
Jointer = reischaaf
joint cutter = zaagmachine

k

l

m
mild steel = zachtstaal, ongelegeerd staal
mitre box = verstekbak
mitre joint = twee hoeken van 45 graden, die samen 90 graden vormen
mitre saw = verstekzaag, word ook wel een kapzaag voor gebruikt
mitre square = verstekhaak
mortise = gat (pen en gat verbinding)

n
nail gusset = spijkerplaat

o

p
pitch = spoed, schroefdraad
pitch angle = spoedhoek
push-stroke saw = Europeesche duwzaag

q

r
rabbet = sponning
rip = schulpen
rip saw = schulpzaag
router = frees (machine)
routerbit = inzet freesje
routerhead = blokfrees

s
saw = zaag
saw bench = zaagbank
saw cut = zaagsnede
saw frame = zaagbeugel
sawing frame = zaagraam
saw to fit = pas zagen
schoulderplane = boorschaaf
scrub plane = roffel
serrated = zaagvormig, gekarteld
shaving horse = snijbank, schaafpaard
shooting board = futselplank
smoothplane = zoetschaaf
smoothing plane = zoetschaaf
softboard = zachtboard
softwood = zachthout
spiral drill = spiraalboor
spokeshave = spookschaaf

t
tabletop = tafelblad
tenon = verbindingspen, pen en gat verbinding
tool chest = gereedschapskist
twist drill = spiraalboor

u

v
veritas (latijn) = de waarheid
vice = bankschroef

w
wedge = spie
wood burning = pyrografie
wood carving = houtsnijwerk, beeldend
workbench = werkbank

x

y
yellow brass = geelkoper, messing

z
 

Nerflander

Actieve deelnemer
5 feb 2011
287
5
Steenwijk
Ik wil graag even kwijt, dat ik dit een zeer voortreffelijk draadje vind!
Vandaag postte ik iets over een bootje dat ik gebouwd heb.
Bootjesbouwerij is dus ook typisch een gebied waar het wemelt van de Engelstalige literatuur en vaktermen, maar je zoekt je een ongeluk naar het Nederlandse equivalent.
Kunnen bootjestermen ook aan de lijst worden toegevoegd?
Dan kom ik wel een keer met een klein lijstje.

Bijvoorbeeld: lofting = uitslaan, het maken van uitslagen, wat bij een scheepswerf vanouds op een zolder of vliering gebeurde, vandaar: loft = zolder
buttocks / buttock lines: verticalen

Maar ik heb nog steeds niet het Nl equivalent voor inwale of outwale (stoottrand? schuurlijst?).

gunwale (spr. uit: g'nnel???) = dolboord

Hierboven ging het over een dado. Ik meende ooit gelezen of gehoord te hebben, dat een dado dwars op de nerfrichting is, en een groove in de lengterichting met de nerven mee. Kan dat kloppen?

schreinwerker? schrijnwerker, dacht ik.

Een rabbet (sponning) in een kielbalk bijvoorbeeld wordt getekend (en gemaakt!) met drie lijnen: de rabbet line, de middle-line of apex (of back rabbet) en de bearding line. Maar ik zou het niet in het Nederlands kunnen zeggen, en ik ben het nou zo hartgrondig eens met de andere 'puristen' op ons forum die het gebruiken van onze eigen taal bepleiten!
 

Zweihaak

Post veel
29 jul 2010
1.381
1
Groningen
Ik moest opeens weer aan deze discussie denken toen ik 'het houtboek' las uit 1980 waarin over een herzaag gesproken wordt om "grote stukken hout te verwerken tot kleinere latten". Dus Rick is er zeker niet mee als eerste op de proppen gekomen, en het woord is dus al langer in gebruik :) Het is trouwens wel uit het Engels vertaald.

Dit even ter info :)

Er zijn veel houthandels, die dit woord gebruiken, maar officieel bestaat het niet en heeft het een andere betekenis. Herzaag kan wel, maar klinkt raar.
Maar een plank herzagen word idd veel vaker gebruikt.

Maar bedoelde dit meer met een knipoog :)
 

Zweihaak

Post veel
29 jul 2010
1.381
1
Groningen
a
adjusting screw = stelschroef
advance angle = voorloophoek
angle iron = hoekijzer, hoekstaal
angle joint = hoekverbinding
angle ridge = hoekkeper
angular = hoekvormig
anvil cutter = schrootbeitel

b
back bend = aftimmerlat
back saw = kapzaag
band saw = bandzaag, lintzaag
base = voetstuk, basis
batten = tengel, panlat
batten = klampen
bay window = erkerraam
beech = beukenhout
bell chuck = schroefklauwplaat, van draaibank
belt grinding = bandslijpen
bench clamp = bankklem
bench-dog = bankhaak
bench drill = tafelboormachine
bench grinder = tafelslijpmachine
bench stop = bankhaak
bench tote = Bankklem
bevel = vouw, snijhoek, afschuining
bevel square = zweihaak, zwaaihaak
binder = onderslagbalk, moerbalk
birch = berken
buttocks / buttock lines = verticalen

c
camber = welving, rondte
cambered = met ronde welving, tonrond
camfer = lichte afschuining
caning = stoelmat gemaakt van biezen, de bies word nat, draaiend en trekkend gevlochten
cape chisel = kantbeitel
cap nut = wartelmoer, dopmoer
card scraper = schraapstaal
chip-carving = houtsnijwerk, in vlakhout
chisel = beitel
chuck = boorkop
clearance = speling
clinchen = omkrammen
combination plane = combinatieschaaf
compression saw = europeesche zaag, duwend gebruikt
coping saw = decopeerzaagbeugel, soort figuurzaagachtige zaag, maar met een kortere beugel
crosscut = afkorten
crosscut saw = afkortzaag

d
dado = USA and Canadees Engels woord gebruik,
- volgens Kluwer word dit vertaald al bouwkundig woord: plint, sokkel, zuilvoet.
een dado is een groef dwars op de nerfrichting is, en een groove in de lengterichting met de houtnerven mee.
dado = groef
dado plane = groefschaaf
double cutting drill = boor met dubble snede
dove tail = zwaluwstaart
dovetail saw = fijne kapzaag met 15tpi of meer
draw bore pins = toognagel in combinatie met een toogpen
drawknife = haalmes, trekmes
drill brace = booromslag

e
edge = afkanten, afschuinen
end limit stop = eindaanslag
end mill cutter = kopfrees
epoxy resin = epoxyhars, synthetische hars, twee-componentenhars
eye bolt = oogbout, ringbout

f
fence = aanslag
flush-cutting Backsaw = toffelzaag
fore plane = voorloper
former chisel = vermoorbeitel, zelfde model als steekbeitel, maar dan dikker en groter.
french cleat = haaklat of haaklatten
fretsaw = figuurzaag

g
gent's saw = toffelzaag
gimlet = fretboortje
grind = slijpen
grindstone = slijpsteen
guide bushing = kopieerring
gunwale (spr. uit: g'nnel???) = dolboord

h
hardwood = loofhout (is niet per definitie ook allemaal hardhout)
honing stone = wetsteen
honing guide = slijp hulpstuk voor het afwetten (bv Eclipse 36 HONING GUIDE 94-360R)

i

j
jack plane = No.5 schaaf, ?sponningneusschaaf?
joiner = schrijnwerker (meubelmaker), timmerman
joiner bench - schaafbank
joinery = fijn timmerwerk
Jointer = reischaaf
joint cutter = zaagmachine

k

l
lofting = uitslaan, het maken van uitslagen, wat bij een scheepswerf vanouds op een zolder of vliering gebeurde, vandaar: loft = zolder
loose tenon = lossepen

m
miniature router plane = oudewijventand of heksentand (bv Stanley No.171)
mild steel = zachtstaal, ongelegeerd staal
mitre box = verstekbak
mitre joint = twee hoeken van 45 graden, die samen 90 graden vormen
mitre saw = verstekzaag, word ook wel een kapzaag voor gebruikt
mitre square = verstekhaak
mortise = gat (pen en gat verbinding)

n
nail gusset = spijkerplaat

o

p
pitch = spoed, schroefdraad
pitch angle = spoedhoek
push-stroke saw = Europeesche duwzaag

q

r
rabbet = sponning
rip = schulpen
rip saw = schulpzaag
router = frees (machine)
router plane = grondschaaf (bv stanley No. 71), in oud Neerlandsch; horletoet
routerbit = inzet freesje
routerhead = blokfrees

s
saw = zaag
saw bench = zaagbank
saw cut = zaagsnede
saw frame = zaagbeugel
sawing frame = zaagraam
saw to fit = pas zagen
schoulderplane = boorschaaf
scrub plane = roffel
serrated = zaagvormig, gekarteld
shaving horse = snijbank, schaafpaard
shooting board = futselplank
smoothplane = zoetschaaf
smoothing plane = zoetschaaf
softboard = zachtboard
softwood = zachthout
spiral drill = spiraalboor
spokeshave = spookschaaf, vaak verkeerd vertaald als; spakenschaaf, spookschaven van er; recht, hol en bol.

t
tabletop = tafelblad
tenon = verbindingspen, pen en gat verbinding
threaded insert - rampamoer
tool chest = gereedschapskist
twist drill = spiraalboor

u

v
veritas (latijn) = de waarheid
vice = bankschroef

w
wedge = spie
wood burning = pyrografie
wood carving = houtsnijwerk, beeldend
workbench = werkbank

x

y
yellow brass = geelkoper, messing

z
 
Laatst bewerkt:

WR1944

Oud hout
Ik weet niet hoe breed men het veld van de vertalingen wilt maken:

Pitch is ook de schuinte van een dak. Dat wordt aangegeven als een getal en is het aantal inches dat het dak omhoog loopt per horizontale foot.

Verder hebben we de panel door met de rail en stile. Paneeldeur met (dat mogen de heren specialisten uitvogelen).

Acorn nut = dopmoer.

'2 by' wordt vaak gebruikt om constructiehout aan te duiden. De dikte is nominaal 2", dat is werkelijk 1,5" (ca 39 mm). De breedte is afhankelijk van de toepassing en loopt van 4" op in stappen van 2".

Pocket hole = potgat.

Grain = draadrichting/vezelrichting

Als ik de Amerikaanse websites doorlees zal ik proberen wat toepasselijke kreten uit te filteren en die te vertalen.
 

henkverhaar

Oud hout
20 jan 2011
3.375
65
Nijswiller
www.zwemfotoos.nl
yellow brass = geelkoper, messing

Let op, yellow brass heet niet voor niks zo. Brass is messing, maar er zijn messingtypen met verschillende verhoudingen koper en zink. 'Geelkoper' is in NL een informele benaming voor messing (waar 'roodkoper' een informele benaming voor (puur) koper is). Echter 'yellow brass' is een bepaalde kopen/zink legering die inderdaad geel is (ons standaard messing dus); er is ook 'gold brass', 'red brass' en nog zo wat variëteiten (die je vooral tegenkomt in de koperen blaasinstrumentenbouw), en die een steeds 'rodere' kleur, en hoger aandeel koper hebben.
 

Deze plek is voor toekomstige tekst. Door nu alvast deze kolom te activeren blijft de kolommen structuur ongewijzigd en de lezerservaring hetzelfde als er hier content geplaatst gaat worden.

Hier kan straks ook info geplaatst worden.